Interne organisatie
Past de wijze waarop het gemeentelijk apparaat nu is georganiseerd bij de visie op de Wmo?
De realisatie van de gemeentelijke doelen met de Wmo vraagt om samenwerking en afstemming tussen verschillende gemeentelijke portefeuillehouders en diensten. Daarom is het belangrijk de betrokkenen al in een vroeg stadium bij de voorbereiding van het Wmo-beleidsplan te betrekken. Denk bijvoorbeeld aan:
- de samenhang tussen de voormalige WVG en de vroegere Welzijnswet
- afstemming met een dienst stadsontwikkeling of gebouwenbeheer
- afstemming met de sociale dienst en de dienst werk en inkomen
- afstemming tussen volksgezondheid en welzijn.
Praktisch kunt u ervoor kiezen één of meer leden aan de Wmo projectorganisatie toe te voegen. Een andere mogelijkheid is het instellen van een afzonderlijke werkgroep.
Wellicht vindt er nu nog geen georganiseerde afstemming en samenwerking plaats, terwijl in uw visie wel sprake is van samenhang in beleid en/of uitvoering. In dat geval zult u hierover voor de toekomst een organisatievorm willen afspreken. U kunt dit doen in de fase van beleidsvoorbereiding. U kunt het ook opnemen als beleidsaanbeveling die met de betreffende portefeuillehouders en diensten worden voorbereid.
Meer informatie over (mogelijke) gevolgen van de Wmo voor de interne organisatie vindt u in de handreiking 'De Wmo en de gemeentelijke organisatie' en het bijbehorende memo wijzigingen uit de Wmo-gereedschapskist.



