Participatie en verantwoording

De verantwoording in de Wmo gebeurt vooral horizontaal: naar de eigen burgers en de eigen gemeenteraad. In de gereedschapskist vindt u een Handreiking Verantwoordings- en controle instrumenten. Ook is er een Handreiking 'Model voor Onderzoek klanttevredenheid Wmo' en bijbehorende bijlage. Dit model helpt u bij het uitvoeren van een onderzoek naar klanttevredenheid.

Burgerjaarverslag

In de wet is sprake van een burgerjaarverslag, waarin gegevens over de voortgang van de Wmo worden opgenomen. Hierin wordt in ieder geval aandacht besteed aan klanttevredenheid. Het ligt voor de hand dat er een relatie is tussen de vorm van verantwoording en de monitoring van resultaten. De concrete invulling van de prestatievelden, de prestatie-indicatoren en de monitoring vormen de basis voor het burgerjaarverslag. Ieder jaar bespreekt u de resultaten van dat jaar in relatie tot de planning en geeft u aan welke maatregelen u voorstelt in verband met afwijkingen. Daarbij kan de planning worden aangepast op basis van voortschrijdende inzichten. U stelt dan corrigerende of aanvullende maatregelen voor om de planning alsnog te halen.

Burgers betrokken maken: óók bij beleidsevaluatie

Wanneer cliënt- en burgergroepen en aanbieders al hebben meegedacht over de invulling van het beleid, hebben ze ook al meegedacht over de invulling van de prestatie-indicatoren en de manier waarop de voortgang wordt gemonitord. Het is logisch dat ze dan ook meedenken over de interpretatie van de uitslagen en over de keuze de planning aan te passen of aanvullende maatregelen te nemen.

Tussentijds evalueren?

Zeker de eerste beleidsperiode zal deze manier van werken nog kinderziektes hebben. Daarom is belangrijk niet alleen de uitkomsten van de evaluatie te bespreken, maar ook te kijken naar het type informatie dat is verzameld. Bevat de verantwoording de informatie waar de betrokken gremia en de gemeenteraad behoefte aan hebben? Tussentijdse evaluatie en aanpassing heeft als nadeel dat informatie uit opeenvolgende jaren niet meer vergelijkbaar is. Het voordeel is dat u zo snel mogelijk sturingsinformatie krijgt die wel relevant is.

Wmo benchmark

In aanvulling op de interne evaluatie levert iedere gemeente een aantal gegevens aan het Rijk voor een benchmark, waarmee gemeenten onderling worden vergeleken in hun Wmo-prestaties. Het SGBO ontwikkelt de benchmark samen met gemeentes. Uit het oogpunt van efficiency is het logisch om de gegevens die voor de benchmark verzameld worden ook te betrekken bij de lokale voortgangsevaluatie. Vaak zullen deze echter minder uitgebreid zijn of van een hoger aggregatieniveau dan wat lokaal nodig is.

Bekijk voor een goede opzet van een (Wmo-)evaluatierapport deze publicatie van de gemeente Breda: GWI beleid 2002-2006.