Monitoring en onderzoek

Beleidsdoelen opstellen is één, nagaan of ze ook gerealiseerd worden vraagt om onderzoek en monitoring. Daarom is het belangrijk al bij de formulering van het beleid aan te geven op basis van welke gegevens u voortgang en resultaten beoordeelt. Dit worden vaak prestatie-indicatoren genoemd. U geeft aan welke prestatie-indicatoren u gebruikt en hoe u dat aanpakt. 

Meetbaar maken blijft lastig

Concrete formulering van doelen maakt resultaten (beter) meetbaar. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Wmo-beleid is vaak voorwaarde-scheppend, resultaat is afhankelijk van een ingewikkeld samenspel van factoren. Zijn de middelen juist ingezet en zijn de juiste middelen ingezet? Prestatie-indicatoren die het eerste meten zijn eenvoudig, het tweede is lastiger. U kunt bijvoorbeeld vaststellen of de middelen volgens afspraak zijn ingezet, of voldoende leden van de doelgroep bereikt zijn en of het aanbod aan de wensen van de doelgroep voldoet. Maar dit houdt niet automatisch een garantie in dat de doelgroep daardoor ook meer is gaan participeren of zelfredzamer is geworden. Bovendien vergen duurzame en structurele verbeteringen tijd - een jaar kan dan te kort zijn om veranderingen zichtbaar te maken.

'Maatschappelijke effectrapportage'

Woningcorporatie De Key stelt voor de zomer van 2007 een maatschappelijke jaarrekening op van de herstructurering in de Amsterdamse Spaarndammerbuurt. In de Spaarndammerbuurt wordt ongeveer de helft van de woningen aangepakt. Ook wordt ingezet op een flinke verbetering van de leefbaarheid van de wijk. Samen met VOF De Verandering brengt De Key de maatschappelijke effecten van haar inspanningen in beeld. Daarvoor gebruikt ze een effectenkaart: een helder overzicht van de maatschappelijk effecten die partijen ondervinden van de activiteiten van De Key. Voor meer informatie over maatschappelijke effectrapportage door woningcorporaties, kunt u op de site van de SEV kijken. 

Informatieverzameling en taakverdeling

Hoe wordt de monitoring opgezet? Zijn het gegevens die u nu ook al verzamelt (zoals epidemiologische gegevens van de GGD, of een leefbaarheidsmonitor)? Vraagt u aanbieders zelf informatie aan te leveren en zo ja welke informatie? Laat u apart onderzoek uitvoeren? Schakelt u onafhankelijke derden in? Werken met bestaande informatie is uiteraard goedkoper dan het nieuw te verzamelen. U maakt ook hier weer een afweging tussen wensen, doelmatigheid en kosten. Het implementatiebureau heeft in dit verband een handreiking Prestatiegegevens uitgebracht (versie september 2007). Verder maakt u keuzes omtrent de inzet van menskracht ten behoeve van de monitoring. Wat besteden we uit en wat doen we zelf?

Klanttevredenheidsonderzoek

Het (doen) uitvoeren van een jaarlijks klanttevredenheidsonderzoek is één van de concrete aanwijzingen die de Wmo geeft. Over de methode voert u overleg met organisaties op het gebied van maatschappelijke ondersteuning. De resultaten van het tevredenheidsonderzoek publiceert u jaarlijks voor 1 juli. De eerste keer is 1 juli 2008. Het implementatiebureau heeft een handreiking Onderzoek Klanttevredenheid (plus bijlage) uitgebracht.

Er zijn inmiddels verschillende bureaus die hiervoor een ondersteuningsaanbod hebben ontwikkeld. Zo heeft de SGBO in opdracht van de VNG de Benchmark Wmo 2007 ontwikkeld. CBO, het kwaliteitsinstituut voor de gezondheidszorg, schreef een algemene toelichting op prestatie-indicatoren, met speciale aandacht voor indicatoren in de zorg.

Het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg NIVEL gaat jaarlijks de aard en omvang van maatschappelijke deelname meten van mensen met een beperking. Dit gebeurt in overleg met het SCP (Sociaal en Cultureel Planbureau). In deze NIVEL Participatie Monitor staat het perspectief van mensen met een beperking zelf centraal. Met behulp van Digimon, de digitale monitor vrijwilligerswerk, kunt u informatie vastleggen over uw vrijwilligersorganisaties, hun activiteiten en bereik en hun ondersteuningsbehoefte.

Ook de BOS-sites (Buurt Onderwijs Sport) zijn de moeite waard van het bekijken. BOS Impuls en het BOS-kompas bieden handige instrumenten voor monitoring op prestatievelden 1 en 2. Verder kunt u deze vragenlijst Koningslust bekijken; dit type vragenlijst wordt veelvuldig gebruikt in een leefbaarheidsmonitor.